Inloggen
InloggenWachtwoord vergeten?
Nieuws
Berekening Amsterdam erfpachtcorrectie WOZ-waarde woningen deugt
Hof Amsterdam, 9 mei 2019, nr. 19/00071, ECLI:NL:GHAMS:2019:1609
Samenvatting
Veel woningen staan in Amsterdam op erfpachtgrond. Voor de Wet WOZ moet een woning gewaardeerd worden alsof die op eigen grond staat. Dat betekent dat de verkoopwaarde van een woning op erfpachtgrond verhoogd moet worden met de erfpachtcorrectie. In geschil is of de gemeente de erfpachtcorrectie juist heeft berekend.  Anders dan de rechtbank oordeelt het hof in hoger beroep dat de door de gemeente gehanteerde methode en toegepaste factoren voor het berekenen van erfpachtcorrecties deugdelijk zijn. Het hof geeft aan dat bij de berekening van die correcties noodzakelijkerwijs diverse hoogst onzekere toekomstige ontwikkelingen moeten worden ingeschat. Dit geldt bijvoorbeeld voor (i) het inschatten van de ontwikkeling van de inflatie, (ii) de grondprijsontwikkeling en (iii) het verloop van het disconteringspercentage. En dit alles over een periode van 50 jaar. Aan iedere schatting is een zekere ruwheid eigen en dat geldt zeker ook voor de onderhavige schattingen. Een nominaal kleine wijziging in één van de factoren kan van grote invloed zijn op de hoogte van de uiteindelijk in aanmerking te nemen correctie. De uitkomst van de berekening kent dan ook een hoge onzekerheidsmarge. Anders gezegd: bij het berekenen van de erfpachtcorrecties moet een aantal keuzes worden gemaakt en afhankelijk van de keuze - ook als uitsluitend gekozen wordt voor reële, verdedigbare, toekomstige ontwikkelingen - is er een brede waaier aan uitkomsten mogelijk. De bewijsopdracht waar de gemeente voor staat is niet om uit die brede waaier aan mogelijkheden de meest waarschijnlijke of beste te kiezen. Voldoende is dat hij op zorgvuldige wijze, reële, goed verdedigbare keuzes maakt. Alsdan heeft hij de hoogte van de erfpachtcorrecties in voldoende mate aannemelijk gemaakt.  Het hoger beroep van de heffingsambtenaar is gegrond.
Bijzonderheden
Deze uitspraak is het vervolg op Rechtbank Amsterdam 21-12-2018, 18/1999.